Master
Designer

Michael Thonet’s stoel Nummer 14, ontworpen in 1859 als een Weense caféstoel, blijft vandaag de dag een wereldwijd succes. Thonet was een pionier in het gebruik van gebogen hout voor meubels en was ook de eerste die meubels op grote schaal produceerde. Zijn bedrijf groeide zo snel dat hij in 1860 maar liefst 300 mensen in dienst had en dagelijks 200 stoelen produceerde. Hij staat bekend als de persoon die kunst en techniek, kwaliteit en kwantiteit met elkaar wist te verenigen. Le Corbusier prees zijn werk als volgt: “Nog nooit is een beter en eleganter concept op zo’n doeltreffende en nauwkeurige manier uitgevoerd.”

Michael Thonet

"Never was a better and more elegant design."

In plaats van het representatieve stelde Michael Thonet steeds meer het functionele op de voorgrond. Met het produceren van de beroemde Weense koffiehuisstoel nr. 14 introduceerde hij het eerste klasseloze meubelstuk, welke iedereen kon kopen. Er kwam geen ontwerper aan te pas, de vorm werd in feite bepaald door de techniek. Tot 1930 werden er 50 miljoen stuks van geproduceerd en wereldwijd verkocht. De stoel kan ook gezien worden als de logische uitbreiding van het streven van de Biedermeier-stijl naar complete en natuurlijke simpliciteit. De minimale vormgeving en het economische materiaalgebruik wijzen vooruit naar het modernisme. Dankzij de gemechaniseerde productietechnieken waardoor goedkoop en door ongeschoolde arbeidskrachten geproduceerd kon worden, bleef Thonet’s fabriek zich uitbreiden. In 1860 kostte de bekendste stoel van het bedrijf ‘Nr. 14’ minder dan een fles wijn en stelde het bedrijf 300 mensen te werk die dagelijks 200 stoelen produceerden.